livestream

Algemeen Sportreglement Motorcross 2017

 
   

SPORTREGLEMENT 2017


PROGRAMMA

Inschrijvingen : van 7u.30 tot 9u.00        
             
Officiële oefeningen :          
8u.00: Beloften        
8u.10:Nieuwelingen MX2          
8u.20: Nieuw.MX1-MX3 A          
8u.30: Nieuw.Open B          
8u.40: Nieuw.Open C          
8u.50: Juniors Open        
9u.00: Nationalen Open          
9u.10: Inters Open          
9u.25: Recreanten&Daglic        
9u.35: Zijspannen Open        
           
Wedstrijden :          
1e reeks 2e reeks          
10u.15 14u.15 Beloften MX2 14 min. + 1r.      
10u.35 14u.35 Nieuw. MX2 14 min. + 1r.      
10u.55 14u.55 Nieuw MX1-MX3 A 14 min. + 1r.      
11u.15 15u.15 Nieuw Open B 14 min. + 1r.      
11u.35 15u.35 Nieuw Open C 14 min. + 1r.      
11u.55 15u.55 Recreanten & Daglic 16 min. + 1r.      
12u.15 16u.15 Juniors.Open 16 min. + 1r.      
12u.35 16u.35 Nationalen Open 18 min. + 1r.      
13u.00 17u.00 Inters Open 21 min. + 1r.      
13u.25 17u.25 Zijspannen Open 18 min. + 1r.      
             
                       
 
HOOFDSTUK 1
 
1 Statuut:
Enkel piloten die het statuut van niet betaald Sportbeoefenaar bezitten.
 
2. Licenties
De afgeleverde vergunning is geldig vanaf het ogenblik van aansluiting tot 31 december van hetzelfde jaar. Door het aanvaarden van deze licentie verbinden de piloten en clubs zich ertoe, wedstrijden te betwisten of in te richten met 
VLM  tot het einde van het lopende jaar.
.
3.TOETREDING
Om toe te treden tot de VLM federatie moet men aan volgende voorwaarden voldoen:
A)de leeftijd bereikt hebben door de wetgever voorzien om aan kompetitie deel te nemen in het land waar de maatschappelijke zetel gevestigd is.
B)medisch geschikt bevonden zijn door een erkend sportarts.
C)een vergunningsaanvraag, behoorlijk ingevuld en ondertekend door de aanvrager of zijn wettelijk vertegenwoordiger (voor ongehuwde minderjarigen) indienen bij de VLM federatie.
D)de premie voor verzekering en vergunning moet voldaan zijn vooraleer een vergunning wordt afgeleverd.
E)het staat VLM vrij om zonder opgave van reden een vergunning te weigeren aan een kandidaat piloot.
 
F) iedere piloot verplicht zich er toe aan zijn bond melding te maken van de onttrekking van zijn rijbewijs om welke reden ook. Tijdens de duur van het rijverbod is de vergunning  geschorst en kan de piloot aan geen enkele wedstrijd en officiële oefening deelnemen.
G) niet vergunninghouders dienen een dagvergunning
 af te sluiten.Bij het inschrijven en het invullen van het dagattest is de piloot verplicht zijn identiteitskaart voor te leggen.
H) het is verboden deel te nemen onder invloed van drugs en alcohol.
I) Stimulerende middelen
Het gebruik van stimulerende middelen is verboden. Als stimulerende middelen gelden alle preparaten opgesomd in de laatste lijst der verboden middelen, gepubliceerd door het Ministerie van de Vlaamse- en Waalse Gemeenschap. Tegen overtreders word door de federatie volgende disciplinaire maatregelen getroffen: toepassing van de maatregel zoals opgelegd door de Vlaamse- en/of Waalse Gemeenschap; schrappen van desbetreffende piloot uit alle uitslagen zoals kampioenschap,. Wanneer de UMC in kennis wordt gesteld dat aan een piloot nationaal of internationaal een disciplinaire maatregel is opgelegd, wordt deze maatregel eveneens gevolgd door de UMC en haar leden.
 
4.AFVAARDIGING EN/OF TOELATING
Indien een piloot op een wedstrijddag wenst deel te nemen aan een motorcrosswedstrijd bij een andere UMC federatie of VMBB, dan moet deze hiervoor aan zijn federatie een officiële afvaardiging of toelating vragen.
Ingeval van een afgelasting van een wedstrijd, kunnen alle piloten zonder afvaardiging deelnemen aan een wedstrijd ingericht door een andere UMC federatie of VMBB.
Niet met motorcross gelijkgestelde wedstrijden:
lange afstandwedstrijden,  enduro, speedway, grastrack, indoor,  trial, klimwedstrijden en snelheidswedstrijden.
Mits schriftelijke toelating van de federatie kunnen de piloten deelnemen aan dergelijke wedstrijden. Op de toelating dient uitdrukkelijk vermeld dat de piloot NIET verzekerd is
Elke piloot heeft het recht op 10 afvaardigingen of toelatingen per seizoen.
 
HOOFDSTUK 2
 
1)INDELING CATEGORIEËN sectie motorcross:
Beloften (14 t.e.m.17 jaar), Nieuwelingen MX2 (van 18  t.e.m. 30 jaar), Nieuwelingen A (van 15  t.e.m. 30  jaar), Nieuwelingen Open B (van 31  jaar t.e.m.45 jaar), Nieuwelingen Open C ( van 46 jaar ), Recreanten (van 40 jaar en ouder) en dagvergunninghouders, Juniors Open, Nationalen Open , Internationalen Open, Zijspannen Open.
De datumbepaling voor de categorieën met een ouderdomsbepaling is 1 januari Voorbeeld: Dit wil zeggen, dat bvb. piloten beloften MX2 die voor die datum 18 jaar worden, nieuweling MX2 moeten rijden.
 
2)CATEGORIE BIJ OVERGANG
A)Overkomen van een andere federatie:
Bij overkomen van een andere federatie, kan door VLM geen vergunning worden afgeleverd voor een categorie lager dan diegene  waarvan de piloot houder was bij zijn vorige federatie.
 
B) Vrijwillige overgang:  
Een internationaal MX2 die vrijwillig overgaat naar een hogere cilinderinhoud is verplicht internationaal A te rijden .
 
C) Verplichte overgang:
Een federatie is bevoegd om een piloot te dwingen naar een hogere categorie over te gaan tijdens het seizoen, indien zijn  sportieve prestaties of zijn verleden dit noodzakelijk maken.
Minimum overgangen : de kampioen van de federatie
 
 
De piloot die reed: Moet overgaan naar deze klasse:
Beloften MX2 Juniors MX2 of Juniors
Nieuwelingen MX2                Juniors MX2 of Juniors
Nieuwelingen  A
Nieuwelingen B
Juniors MX2 of Juniors
Juniors MX2 NationalenMX2 of Nationalen
Juniors   Nationalen of Nationalen MX2
Nationalen              Inters MX2 of Inters MX1-MX3
Nationalen MX2    Inters MX2  of Inters MX1-MX3

 

 

HOOFDSTUK 3

1)Kledij
Verplichte kledij op gemotoriseerde trainingen, officiële oefeningen en wedstrijden:
  1. Valhelm die beantwoordt aan de door de   Belgische wet gestelde normen. De helm dient gedragen met strak gespannen bevestigingsriemen of kleppen. De dubbele beveiliging moet steeds zeer goed voorzien worden.
  2. Lederen crosslaarzen met gesloten gespen.
  3. Crosshandschoenen in onbrandbaar materiaal.
  4. trui of jacket met lange nauw sluitende mouwen (opgerolde mouwen of korte mouwen zijn verboden). Bij regen of modderige omlopen mag gebruik gemaakt worden van een nauwsluitend regenvest of sweater zonder kap en van een nauwsluitende waterdichte broek boven de crossbroek.
  5. Crossbroek in leder of ander onbrandbaar materiaal.
  6. Niergordel gedragen onder de trui.
  7. Harnas gedragen onder de trui.
  1. Crossbril met splintervrije glazen is verplicht bij de start. Men is niet verplicht deze bril te dragen tijdens de ganse duur van de wedstrijd. Piloten die in het dagelijks leven een bril dragen, zijn verplicht een bril te dragen met splintervrije glazen.
  2. Het dragen van schouderbeschermers alsook een borstbeschermer is sterk aanbevolen, doch niet verplicht.  Alle loshangende voorwerpen aan hals en helm zoals oorbellen, sjaals, kettingen, lange haren, enz. zijn ten strengste verboden, uitgezonderd harnas met nekbrace.  Piloten met een uit de mond te nemen vals gebit, zijn verplicht dit uit de mond te nemen op gemotoriseerde trainingen, officiële oefeningen en wedstrijden
  3. Flippers of aftrekglazen zijn ten strengste verboden.
 
2)Machine:
De cilinderinhoud moet beantwoorden aan de normen van de categorie waarin de piloot start.  De bond kan op gelijk welk moment beslissen om tot meting over te gaan.
 
Klasse Cilinderinhoud
MX2 110 cc tot en met 144 cc 2-takt of 175 cc tot
 en met 250 cc 4-takt.
MX1
 
MX3
2-taktmotoren van 175cc tot en met 500cc
4-T tot 450 cc
4-taktmotoren van 290cc tot en met 650cc
2-T tot 650 cc
Zijspannen Van 350 tot 1000 cc

Indien de cilinderinhoud moet nagemeten worden, dient de federatie er onmiddellijk voor 24 uur het beschikkingsrecht over te krijgen, van het ogenblik dat de piloot daarom verzocht wordt. Wordt dit door de piloot geweigerd, dan zal men hieruit besluiten dat de cilinderinhoud niet in overeenstemming is met de hiervoor genoemde normen. De waarborgkosten voor de meting vallen ten laste van de vragende partij en worden vastgesteld op 250 Euro voor de tweetakt soloklasse en op 500 Euro voor de viertakt soloklasse en zijspannen. Dit bedrag komt toe aan de eigenaar van de motor indien blijkt dat de motor conform is aan de inhoud en komt toe aan de klager indien een afwijking wordt vastgesteld. Geen van de aangestelde technici kan verantwoordelijk gesteld worden voor de eventuele gevolgen bij de meting der cilinderinhoud. De meting zal gebeuren in het bijzijn van alle partijen. Ingeval van klachten inzake de overschrijding van de cilinderinhoud gelden bij VLM bijkomend de volgende regels: Een piloot kan schriftelijk verzoeken om controle op de cilinderinhoud te laten doen van de motor van een piloot uit dezelfde categorie. Het openen van de motor gebeurt door de aangeklaagde piloot of de door hem aangestelde technicus. Indien de klacht gegrond was dan zal aan de aangeklaagde een sanctie worden opgelegd te bepalen door de Sportcommissie.

Iedere motor moet voorzien zijn van drie nummerplaten (afmeting cijfers 12 cm hoog, 7 cm breed en 2 cm dik) op volgende plaatsen: voorkant, rechts onderaan het slijkbord en links onderaan het slijkbord. Het gebruik van fantasiecijfers is verboden. Het toegekende nummer is persoonlijk. Ieder piloot die met een ander nummer rijdt is verplicht de koersdirecteur hiervan in kennis te stellen voor de start.
 
 

 

                Klasse Kleur plaat Kleur cijfers
Beloften MX2 Wit Zwart
Nieuwelingen MX2 Wit Zwart
Nieuwelingen A
Nieuwelingen  B
Groen Wit
Juniors MX2 Zwart Wit  - nr 61/99
Juniors Zwart Wit  - nr 1/60
Inters MX2 Geel Zwart – nr 51/99
Nationalen MX2 Rood Wit – nr 51/99
Nationalen Rood Wit – nr 1/50
Inters  A Geel            
 
Zwart  -  nr 1/50
 
Recreanten Wit Zwart
Zijspannen Geel Zwart
 
 
3)Uitrusting
Elke vergunninghouder dient zich te voorzien van een transponder, wat nodig is om geregistreerd te kunnen worden in het klassement (dagtotaal en kampioenschappen).
De motor moet voorzien zijn van een goede voet- en handrem.
Degelijke stuurbeschermers moeten aangebracht worden en de voetsteunen moeten opklapbaar zijn.
Het koppelingshendel en hendel van de voorste rem moet voorzien zijn van de originele verdikte rondingen. Het is verboden de hendels te perforeren achter de rondingen. Er mogen zich geen scherpe voorwerpen bevinden aan de moto. Deze moeten afgeschermd zijn. Met name de kettingspanner moet goed afgeschermd worden.
 Bij motorcross zijn schoepen- en spijkerbanden verboden. Het is de sportcommissie die oordeelt of een band al dan niet reglementair is. Tegen deze beslissing is op de dag van de wedstrijd zelf geen beroep mogelijk.
Iedere moto moet voorzien zijn van een originele geluidsdemper. Het geproduceerde emissiegeluid in een zone van de omloop waar de deelnemers voluit gaan  mag de opgegeven waarden van 100dB(a) niet overschrijden.
VLM bepaalt onafhankelijk of een motor te veel geluid produceert. De piloot en zijn motor zullen onmiddellijk uit de wedstrijd worden genomen bij de eerstvolgende doortocht, uitgezonderd bij het ingaan van de laatste ronde. Wanneer de piloot uit eigen beweging de wedstrijd verlaat, komt hij eventueel nog in aanmerking voor het klassement.
Voor de zijspannen  moet elke motor voorzien zijn van een stroomonderbreker door middel van een snoer bevestigd aan de pols. De onderbreker moet de ontsteking onderbreken wanneer de piloot om gelijk welke reden het rijtuig verlaat en mag niet van elastisch materiaal vervaardigd zijn. De nummerborden moeten worden bevestigd op volgende plaatsen: voorkant, links en rechts. Speciale vereisten voor de zijspannen: het wiel van het span, alsmede het motorachterwiel moeten afgeschermd zijn met een  veiligheidsplaat. Dit geldt ook voor de eventuele gietwielen. Het voorwiel dient eveneens afgeschermd te worden. De beugel van het span mag niet verder komen dan de binnenzijde van het wiel van het span. De bouten aan de onderzijde van het span moeten minimaal afgeslepen zijn (max. 2 mm). Handbeugels zijn toegelaten als ze niet verder uitsteken dan de normale breedte van het stuur. Aan de voetsteun, die aan de andere zijde gemonteerd is dan de zijde waar zich het span bevind, mag een extra verstevigingbeugel aangebracht worden, gericht naar het voorframe, op voorwaarde dat de onderzijde ervan afgeschermd is door middel van een veiligheidsplaat of diverse dwarse steunconstructies die de voet beschermen. Er mag geen speling zijn op het bakwiel.
De beide voetsteunen dienen langs onder afgeschermd te zijn.
 

HOOFDSTUK 4

 
1)Inschrijving:
Iedere piloot is verplicht zich voor de training aan te bieden op de inschrijving met zijn vergunning,
 
2)Oefeningen:
Vooraleer aan de oefeningen deel te nemen, moet de piloot zijn motor onderwerpen aan de technische keuring, met stilliggende motor en in het bezit van het startbewijs. Men mag vóór aanvang van de volgende reeks starten met een andere moto, mits de melding aan en keuring door de technische commissie.
De duur en het tijdsschema worden door VLM bepaald. Elke  piloot is verplicht te oefenen, zoniet kan voor die wedstrijd een startverbod opgelegd worden. Elke piloot oefent in zijn categorie.
Ingeval van defect dient de piloot onmiddellijk de omloop te verlaten zonder de andere piloten daarbij te hinderen.
De normale rijrichting dient gevolgd te worden, ook in de wedstrijden. Startoefeningen zijn enkel toegelaten indien mogelijk.
 
3)Deelname:
Om aan wedstrijden deel te nemen dient de piloot en de bakkenist vergunninghouder te zijn van UMC. Alle andere dienen een daglicentie te nemen. Zij maken geen aanspraak op onkostenvergoeding en kampioenschapspunten.
 
4)Wedstrijd
De startplaats, wordt bepaald door de bekomen beste oefentijd van de piloot. Hij dient zich op te stellen in het gesloten rennerspark op de bekomen plaats.. De bepaling wordt beëindigd wanneer het signaal wordt gegeven dat de motoren mogen worden gestart. Piloten die niet tijdig aanwezig zijn in het gesloten rennerspark,d.w.z. bij het ingaan van de laatste ronde van de vorige reeks,dienen zich achter de piloten aan te sluiten. De startvolgorde voor de tweede reeks is eveneens volgens beste oefentijd. Indien er gereden wordt met schiftingen dan worden de startplaatsen voor de finale verdeeld als volgt: plaats 1 voor de winnaar van de eerste schifting, plaats 2 voor de winnaar van de tweede schifting, plaats 3 voor de tweede van de eerste schifting, plaats 4 voor de tweede van de tweede schifting enzovoorts tot alle voorziene plaatsen zijn ingenomen. Piloten die zich plaatsen via de herkansing nemen de resterende plaatsen in op basis van hun resultaat in de herkansing.
Er wordt gestart met een automatisch neervallend starthek. Bij defect hiervan beslist de koersleider over de te gebruiken startmethode. De motoren in het gesloten rennerspark mogen pas op gang gebracht worden na het teken van de startmeester. De duur der opwarming van de motoren is minimum 2 minuten en maximum 5 minuten. Verzorger of mecanicien moeten het gesloten rennerspark verlaten.
Het is tevens verboden te roken in het gesloten park.
Vanaf het op gang brengen der motoren zal er max. 5 minuten gewacht worden in geval van defecte motoren of andere oorzaak. Vanaf het bevel tot vertrek naar het starthekken moet de start zijn normaal verloop krijgen. De start zal om geen enkele reden onderbroken worden.
Achter en voor het starthek is geen publiek toegelaten.
De piloot neemt na het verlaten van het  gesloten rennerspark in volgorde van de standplaats een door hem gekozen plaats in binnen de daartoe voorziene ruimte achter het starthek. SOLO-PILOTEN moeten in het midden achter het starthekje plaatsnemen waardoor andere piloten niet kunnen gehinderd worden bij de keuze van hun startplaats. ZIJSPANNEN dienen met hun voorwiel plaats te nemen achter het blauwe starthekje.  Zijspannen moeten 2 starthekjes in beslag nemen. De startplaats mag niet aan een andere piloot afgestaan worden. Dit betekent uitsluiting voor degene die startvoordeel geeft, als voor degene die startvoordeel krijgt.
Het veroorzaken van een valse start heeft voor gevolg dat de piloot naar de laatste startplaats wordt verwezen bij de herstart. Na een valse start begint de startprocedure opnieuw zoals hierboven beschreven.
De startverantwoordelijke is de persoon die beslist over de geldigheid van de start.
De wedstrijd wordt betwist in reeksen. In de volgorde van aankomst in de reeksen worden punten toegekend. De optelling van de punten is bepalend voor de eindstand. De bondsleiding beslist over toekenning van punten, barema onkostenvergoeding en trofeeën.
De 1ste plaats in de reeks is goed voor 25 punten, de 2de plaats goed voor 22 punten, de 3de plaats goed voor 20 punten, de 4de plaats goed voor 18 punten, de 5de plaats goed voor 16 punten,  vanaf hier vermindert het met 1 punt t.e.m. plaats 20. Bij gelijke punten is de uitslag van de tweede reeks doorslaggevend,  en gaat de zege naar de piloot die in de tweede reeks de beste uitslag behaalde. Indien er slechts één reeks of finale wordt verreden is de reekswinnaar ook eindwinnaar. De koersdirecteur bepaalt de wedstrijdduur, welke zal meegedeeld worden aan de piloten.
Om geklasseerd te worden in een reeks moet aan volgende voorwaarden voldaan worden: . Met dezelfde moto als bij het van start gaan. 66% (2/3) van het aantal ronden van de winnaar te hebben afgelegd. Bij een onpaar aantal ronden wordt het aantal ronden naar beneden afgerond (vb. de winnaar rijdt 13 ronden, om geklasseerd te zijn moet men 13 x 0.66 = 8.58 = 8 ronden afleggen).
5)Gedrag tijdens de wedstrijd:
Tijdens de wedstrijd mag de piloot de meest geschikte plaats op de omloop uitkiezen. Korte zigzag bewegingen zijn verboden, evenals roekeloze daden die voor zowel medepiloten als toeschouwers een gevaar kunnen betekenen. Inhalen mag slechts gebeuren indien dit kan zonder gevaar voor medepiloten en toeschouwers. Fair-play en sportiviteit dienen in acht te worden genomen. Zij die zich schuldig maken aan een van boven vermelde regels kunnen onmiddellijk door de koersleiding uit koers genomen worden.
Bij technisch defect dient de piloot met moto onmiddellijk de rijpiste te verlaten.
Men moet doorgang verlenen wanneer men op het punt staat gedubbeld te worden. Dit is van zodra deze in het wiel komt. Het moedwillig hinderen kan met uitsluiting bestraft worden en schorsing van de vergunning tot gevolg hebben.
Tijdens de reeks mag men niet van machine noch van bakkenist veranderen,met onmiddellijke uitsluiting tot gevolg.  Dit mag wel gebeuren voor de volgende reeks zo de wijziging aan de koersleiding wordt meegedeeld
 
6)Betekenis van de vlaggen:
 
Aard getoonde vlag Betekenis
Zwart – wit geblokte vlag
 
aankomst.
Gele vlag met zwart cijfer 1
 
Aanduiding laatste ronde
Groene vlag de motoren mogen op gang gebracht worden.
Gele of rood-kruis vlag Gevaar –  snelheid minderen (gevallen piloot), er mag niet ingehaald  worden.
Blauwe vlag op terrein
 
Opgelet U wordt gedubbeld
Blauwe vlag aan uitrit
               
Motoren stilleggen
Zwarte vlag Aangeduide piloot wordt uit wedstrijd genomen
Witte vlag Starten van motoren in gesloten park
 
HOOFDSTUK 5
 

1)GESCHILLEN

Wanneer een piloot klacht wenst neer te leggen, kan dit enkel tegen een piloot uit dezelfde categorie. De klacht dient door klager eigenhandig geschreven te worden in het klachtenboek dat op de jurywagen ter beschikking ligt. De sportcommissie die zich dient uit te spreken over een disciplinaire maatregel, moet samengesteld zijn uit  één of meer personen die op geen enkele wijze een persoonlijk belang hebben bij de zaak en die op geen enkele wijze betrokken zijn geweest bij het voorafgaande onderzoek. Indien een voorafgaand onderzoek wordt gevoerd
naar de feiten, kan de betrokkene in afwachting van de zitting voorlopig geschorst worden, voor het toebrengen van slagen en verwondingen. Van elk onderzoeksdocument dient er voorafgaand aan de hoorzitting  inzage te worden gegeven aan de betrokkene. Van de vastgestelde feiten die een disciplinaire sanctie vergen, wordt een schriftelijk verslag opgesteld, dat aan de tuchtrechterlijke vervolgde aangetekend wordt verzonden. Tevens dient in de brief vermeld: overtreden artikel, mogelijke sanctie, datum, plaats en uur waar hij over de feiten zal gehoord worden en zijn middelen tot verdediging zal kunnen voordragen, dat hij zich bij deze hoorzitting kan laten bijstaan door een tolk indien hij de Nederlandse taal niet begrijpt en dat hij zich op de hoorzitting kan laten bijstaan door een raadsman van zijn  keuze.
Van de hoorzitting zal een schriftelijk verslag worden opgemaakt, waarin volgende elementen voorkomen: plaats en datum van de zitting, het feit of de zitting openbaar of niet openbaar verloopt naar keuze van de vervolgde, de aanwezigen, de vermelding dat de feiten en de mogelijke sanctie aan de betrokkene zijn voorgelezen, de documenten die zijn opgenomen in het dossier, het feit dat er inzage is gegeven aan de betrokkene en de verklaring van de betrokkene. Het schriftelijk verslag dient ondertekend door de voorzitter en de vervolgde en ieder andere aanwezige die erom vraagt. Het bevoegde orgaan doet uitspraak in een gemotiveerde schriftelijke beslissing die aangetekend wordt meegedeeld aan de vervolgde. De brief dient te vermelden dat er tegen de beslissing beroep mogelijk is in een periode van 8 dagen bij de beroepsinstantie, zijnde de Raad van bestuur van de federatie waar de feiten zich voorgedaan hebben, behalve voor het feit van slagen en verwondingen.
 

2)BEROEP

Tegen elke beslissing van de sportcommissie is beroep mogelijk bij de Raad van bestuur, behalve voor het feit toedienen van slagen en verwondingen. Het beroep moet worden ingediend binnen de acht dagen na ontvangst van  de beslissing. Het beroep wordt aangetekend verzonden aan VLM, Linkhoutstraat 219a te 3560 Linkhout Lummen. De beheerraad doet uitspraak over het beroep in een samenstelling van minstens 3 personen, die op geen enkele wijze waren betrokken bij het onderzoek, de procedure voorafgaande aan het beroep en die geen enkel persoonlijk belang hebben bij de zaak. Tegen deze beslissing is geen beroep mogelijk.
 
3)STRAFBEPALINGEN         
Voor zaken waarin dit artikel niet voorziet kunnen
straffen worden opgelegd door VLM of zijn aangestelde. De straffen kunnen zijn: de officiële waarschuwing, zware berisping, startverbod, declassering uit de daguitslagen of diverse kampioenschappen, schorsing voor een bepaalde tijd, schorsing voor onbepaalde tijd, inhouding van bepaalde voordelen zoals onkostenvergoedingen of Rennersfonds, schrapping als piloot.
Startverbod: Zo noch de moto, noch de kledij in orde is.
Voorlopig startverbod indien de piloot wordt vervolgd voor het toebrengen van slagen en verwondingen.
Eén minuut straftijd :rijden in het rennerspark, beledigen van dienst- of bestuursleden, negeren van de gele vlag.
Eén wedstrijd : bij het meermaals(3x) negeren van de gele vlag.
Drie wedstrijden: Bij vechtpartijen onder piloten
Eén jaar: Bij het toedienen van slagen en verwondingen aan bestuursleden en om het even welke aangestelde in functie op de wedstrijddag.
         
 
4)UITVOERING DER SANCTIES
De uitgesproken sancties van de sportcommissie en de Raad van bestuur zijn onmiddellijk uitvoerbaar (behalve ingeval van beroep tegen de uitspraak van de sportcommissie  van een andere federatie deelnemen.
 
5)EERBIEDIGING REGLEMENTEN
De deelnemers verplichten zich  te onderwerpen aan de voorschriften van dit reglement en zijn eventuele bijvoegsels.
 
HOOFDSTUK 6
.
1)Vergoedingen:
Deelnemende piloten, uitgezonderd dagvergunninghouders,  ontvangen een vergoeding volgens de behaalde plaats in de  categorie tot de welke zij behoren.Deze onkostenvergoeding is niet als loon te beschouwen voor de geleverde arbeid, doch enkel als kosten dekkende tegemoetkoming voor de door de piloten gemaakte kosten om aan de wedstrijden te kunnen deelnemen. Buiten de vergoeding vermeld in het barema onkostenvergoeding kunnen de piloten geen startpremies of verplaatsingskosten eisen en/of ontvangen voor deelname aan de wedstrijden. 
 
2)Veiligheid:
Het is de piloten verboden te rijden in het rennerspark of elders buiten de omloop met om het even welk gemotoriseerd rijtuig. De moto moet onmiddellijk worden stilgelegd bij het verlaten van de omloop na een uitloop van 20 m.  De zijspannen  mogen stapvoets rijden zonder voorbij te steken.
 
 
 
HOOFDSTUK 7
 
1)Aangifte ongeval:
Indien een piloot een ongeval veroorzaakt of erbij betrokken wordt, dient dit binnen de 24 uur aangegeven te worden. Doet het ongeval zich voor op een wedstrijddag, dan dient de piloot zich aan te bieden bij de dienstdoende verpleeginstelling, wordt hij genoteerd in een ongevallenboek en ontvangt een aangifteformulier die binnen de 7 dagen, nauwkeurig ingevuld dient opgestuurd te worden naar het adres vermeld op het formulier. Ook wanneer u betrokken bent met een ongeval met derden (toeschouwers) dient u VERPLICHT aangifte te doen bij de verzorgingsdienst om de nodige informatie te verstrekken. Doet het ongeval zich voor op een training, dan dient de piloot binnen de 24 uur de secretaris van zijn federatie of de verzekeringsmaatschappij hiervan in kennis te stellen. De piloot dient naast zijn officieel trainingsticket twee getuigenverklaringen voor te leggen aan de verzekeringsmaatschappij. Na aangifte van het ongeval wordt de vergunning van de piloot geschorst. Deze schorsing wordt opgeheven na voorlegging van een attest van genezing met de melding dat de piloot terug aan de activiteiten kan deelnemen.
 
2)Medisch onderzoek na ongeval:
Een piloot kan enkel na een ongeval of een kwetsuur terug tot de wedstrijd worden toegelaten mits de voorlegging van een attest van volledige genezing afgeleverd door een arts (sportarts voor de –18 jarige), waaruit blijkt dat hij terug geschikt bevonden is om motorsport te beoefenen.
 

HOOFDSTUK 8

 
1)Uitrit voor de piloten:
De omloop moet voorzien zijn van een degelijke uitrit waar een baancommissaris verantwoordelijk is voor de goede gang van zaken. De uitrit moet voorzien zijn van een zijuitgang van min. 20 meter lang, waar de piloten verplicht worden hun motor stil te leggen. Onder geen enkel beding mag in het rennerspark gereden worden. Buiten de omloop is het  verboden motoren te testen.
 
2)Parkingreglement voor piloten en toeschouwers:
Iedereen is verplicht de richtlijnen van de organisator strikt te volgen. Het is verboden ruimtes af te bakenen om plaats te houden voor anderen. Het is verboden om putten of elke andere vorm van graafwerken uit te voeren. Het is verboden om vuur te maken buiten de mobilhome of caravan. Maak gebruik van de sanitaire inrichting die op de wedstrijd aanwezig is. Het dumpen van  chemische toiletten is verboden. Het is verboden met de motor te rijden op weg naar en in het rennerskwartier of op openbare wegen.. Deze maatregel is van toepassing op de piloten, de bestuurders van trikes, quads, mini-motoren, bromfietsen, en gelijk welk van een motor voorzien voertuig, voor zover dit niet voldoet aan de wegcode en de wet op de aansprakelijkheidsverzekering. Het is eveneens verboden de genoemde voertuigen met een in bedrijf zijnde motor aan de hand te geleiden. Alle huishoudelijk afval dient in een vuilzak gedeponeerd te worden. Op het einde van de wedstrijd werpt men dit in de milieucontainer.
 
3)Werkzaamheden aan de motor:
Het gebruik van detergenten voor het reinigen van de motoren is verboden. Het bijvullen met benzine en het vervangen van olie of motoronderdelen moet gebeuren op een speciale werkplaats; bij elk van de vermelde activiteiten is men verplicht een milieumat onder de moto te leggen teneinde het eventueel morsen op te vangen.
 
4)Geluidsoverlast:
Vermijd het onnodig draaien van motoren in het rennerspark. Het is verboden geluidshinder te veroorzaken tussen 20.00 uur en 08.00 uur. Indien bij geluidsmeting de maximum toegelaten waarde overschreden wordt, dient de piloot uit wedstrijd te worden genomen en wordt hij de start geweigerd, tot wanneer zijn motor in orde is gesteld.
 
HOOFSTUK 9 .
 
1)Voordelen van de piloot:
De belangen van de piloten worden behartigd door de rennersafgevaardigde. Hij is verplicht om uw belangen te verdedigen tegenover VLM of de Sportcommissie. Hij kan de nodige inlichtingen verstrekken over de gang van zaken en de reglementen. Elk punt dat door de rennersafgevaardigde wordt aangebracht, zal door VLM behandeld worden.
De winnaar van een wedstrijd heeft recht op een palm. De tweede en de derde hebben recht op een aandenken. De zijspannen ontvangen twee stuks van de voorziene zaken. Behoudens gegronde redenen, die dienen gemeld te worden op de officiële jurywagen, moeten de piloten die een podiumplaats behalen en daarmee rechtgevend op bloemstuk of trofee, zich aanbieden op de huldiging. Het nalaten van deze verplichting brengt verlies mee van voormelde rechten en de helft van de onkostenvergoeding van de desbetreffende wedstrijd die ten goede komt van de organiserende club.
 De onkostenvergoedingen voor piloten worden maandelijks afgerekend via de persoonlijke bankrekening.
 
2)Bijzondere bepalingen:
Van een piloot wordt verwacht dat hij zich beleefd,  sportief, eerlijk en oprecht gedraagt. Hij is op de omlopen en aanhorigheden zoals het rennerskwartier en gesloten park, gehouden de onderrichtingen op te volgen die hem worden opgedragen door de aangestelde van VLM. De piloot dient zich te onthouden van brutale woorden en het uiten van klachten in aanwezigheid van het publiek.
Elke piloot is verantwoordelijk voor het gedrag van zijn supporters. Indien deze supporters zich schuldig maken aan afkeurenswaardige zaken, zelfs indien deze niet voorzien zijn in dit reglement, die hun weerslag kunnen hebben op de wedstrijden, toeschouwers of het aanzien van VLM, zal verhaal worden uitgeoefend op de piloot zelf. Dit punt is vatbaar voor de breedste interpretatie vanwege VLM.
De piloot welke zich onttrekt aan het betalen van een steunkaart of anderen in staat stelt om dit te doen, krijgt startverbod. De piloot dient leden van de organiserende vereniging en aangestelde van VLM toestemming te verlenen tot het betreden van de gebruikte vervoermiddelen en aanhangwagens, om het binnensmokkelen van personen na te gaan. De piloot die deze controle weigert krijgt geen toelating tot de wedstrijd. Hij kan gestraft worden met een van de andere straffen voorzien in dit reglement. Tegen straffen opgelegd na overtreding van de 2 vorige punten  is geen beroep mogelijk.
De piloot is aansprakelijk voor alle afval van gelijk welke aard, dat door zijn toedoen wordt achtergelaten op de wedstrijdterreinen, in de breedste zin van het woord. Alle lasten en kosten die hieruit voortspruiten zijn voor rekening van de piloot.
 
 
HOOFDSTUK 10
 
1)VLM-KAMPIOENSCHAP
 
Het VLM kampioenschap wordt verreden over maximum 15  wedstrijden. Bij afgelasting van een proef wordt die niet vervangen. Een kampioenentitel zal in elke categorie toegekend worden.
De te behalen punten worden toegekend per reeks en de eerste 20 piloten van elke reeks komen in aanmerking voor punten. In reeksen met een A en B indeling zal de eerste B rijder of zijspancombinatie ook 25 punten krijgen. De tweede krijgt er 22 enz. In gemengde reeksen bekomt iedere klasse afzonderlijke punten.
Puntenverdeling: 25-22-20-18-16-15-14-13-12-11-10-9-8-7-6-5-4-3-2-1.
De titel wordt toegekend aan de piloot die de meeste punten behaalde over het aantal erkende reeksen.
Indien er een categorie is, waarin gereden wordt onder het systeem van schiftingen en finales, dan komen alle erkende finales in aanmerking.
Wanneer blijkt dat er bij de afrekening piloten zijn met  gelijke punten dan wordt de titel als volgt toegekend: de piloot welke de meeste reeksoverwinningen behaalde in de categorie van het betreffende kampioenschap. Indien dit geen uitsluitsel brengt dan komen de meeste 2-de, 3-de, 4-de,enz…,  plaatsen in de titelreeksen in aanmerking. Indien voorgaande evenmin een beslissing brengt dan gaat de titel naar de piloot die in de eindstand van de laatste kampioenschapwedstrijd de hoogste plaats behaalde.
De piloot die na de achtste proef van start gaat ,komt niet meer in aanmerking voor kampioenschapspunten.
De startorde van de eerste en tweede reeks wordt bepaald door tijdstraining., ook de kampioenschapswedstrijden.
Bij overgang naar een andere categorie heeft de piloot recht op de punten die hij in deze categorie nog behaalt, behalve indien deze overgang gebeurde na de achtste proef. Hij behoudt tevens de punten van zijn vorige categorie. Hieruit vloeit voort dat een piloot meerdere titels kan behalen.
De piloot die tijdens het seizoen overgaat naar een andere federatie komt niet meer in aanmerking voor het kampioenschap van VLM, of van een ander voordeel welke een piloot bij VLM kan genieten.
De verplichte overgangen zullen jaarlijks bepaald worden door de Raad van bestuur, in overleg met de Sportcommissie.
 
 
2)RENNERSFONDS
 
VLM stelt een rennersfonds in. Enkel houders van een VLM jaarvergunning, komen in aanmerking voor een tussenkomst.
De piloot welke gekwetst wordt tijdens een door VLM erkende wedstrijd (inbegrepen de officiële oefeningen), kan genieten van een uitkering uit het rennersfonds. Kwetsuren opgelopen op niet officiële oefeningen of andere niet erkende wedstrijden komen niet in aanmerking.
Het bedrag zal bepaald worden door de Beheerraad. De duur van de uitkering bedraagt maximum 1 jaar.
Om recht te hebben op een uitkering dient de piloot binnen de maand na het oplopen van de kwetsuur aangifte te doen bij de Raad van bestuur.
Het recht op uitkering begint ten vroegste vanaf de vijfde  week na het oplopen van de kwetsuur. Ingeval van betwisting is enkel de Raad van bestuur bevoegd. Er is geen beroep mogelijk tegen de genomen beslissingen.
 
3)SLOTBEPALINGEN.
 
In alle gevallen waarin door dit reglement niet werd voorzien en welke een invloed kunnen hebben op VLM
en de door haar gereglementeerde organisaties, komt de beslissing toe aan de Sportcommissie, en in hoger beroep
door Raad van bestuur. Door zijn aansluiting als piloot verklaart deze het UMC/VLM reglement, bijlagen en
uitgereikte nota’s te kennen en te respecteren.
www.vlmcross.be